Ode aan de verliezer
Ode aan de verliezer

Ode aan de verliezer

Winnen speelt niet alleen een belangrijke rol in sport, maar in ieder domein van ons leven. We vergelijken ons constant met anderen en streven naar een beter cv, betere looks, of een hoger salaris. Wat doet dat met ons als persoon en als maatschappij? Wat kunnen we leren van Bijbelverhalen die ons een heel ander perspectief voorschotelen?

Tijdens het programma van Radboud Reflects gaven theoloog Alain Verheij en filosoof Gert-Jan van der Heiden ieder een lezing over de rol van de verliezer. Daarna gingen de sprekers met elkaar in gesprek onder leiding van programmamaker Liesbeth Jansen. Het publiek kon deelnemen aan de discussie door vragen in te zenden.

Het tijdperk van de sterke man

In zijn nieuwste boek, Ode aan de verliezer, betoogt Verheij dat de Bijbel kritiek levert op de winnaarsmentaliteit. In opiniestukken en columns wordt regelmatig geschreven dat we in ‘het tijdperk van de sterke man’ leven. Denk aan wereldleiders als Poetin, Erdoğan en Orbán. Als theoloog ziet Verheij het als zijn missie om te kijken hoe onze tijd rijmt op de bijbelse verhalen, die uit een heel andere context komen. Verheij: “In het Paasverhaal komen we een Jezus tegen die op zijn 33e een wisse dood tegemoet gaat. Hij laat zich als een zwak lammetje slachten door een coalitie van religieuze leiders en politieke overheersers. Jezus is dus het tegenovergestelde van de sterke man waardoor we zo zijn geobsedeerd! Hoe kan ik dat contrast tussen de Bijbelse en onze wereld een plekje geven?”

Hier en daar vond Verheij duidingen die Jezus tóch afschilderen als een sterke man. Maar dat is volgens hem geen overtuigend verhaal: “Jezus vraagt nog aan God of we dat kruisigen niet kunnen overslaan. Hij is op geen enkele manier in het Paasverhaal een sterke man.”

Oog voor de Abels in onze samenleving

Verheij heeft in de Bijbel geestverwanten van Jezus gevonden, in het bijzonder in het verhaal van Kaïn en Abel, de twee oudste zonen van Adam en Eva. “Kaïn en Abel staan voor twee soorten mensen: de sterke man en de mens in de marge” aldus Verheij. “Kaïn wordt een succesvolle landbouwer, iemand die het redt op eigen kracht, en Abel een bescheiden herder. Kaïn heeft alles wat hij begeert, maar komt erachter dat Abel één ding heeft dat hij zelf niet heeft: Abels offer krijgt meer aandacht van God. En dat kan Kaïn niet uitstaan. Kaïn slaat zijn broertje dood, en dan is er nog maar één mensenkind over.”

In de hele Bijbel worden winnaars bespot, en wordt er juist aandacht geschonken aan de verliezers. Verheij: “De geschiedenisboeken staan al vol met winnaars. De Kaïns van deze wereld regelen hun eigen podium wel. Op zich is dat niet erg. Het wordt pas een probleem als je dan ook nog met donkere ogen kijkt naar de verwaarloosde, de stemloze. De belangrijkste boodschap is: vergeet de Abels niet. Het zijn er veel meer dan je denkt. En misschien zit er ook een Abel in jou.”

Paulus en de orde van de wereld

Ook in de brieven van Paulus staat de verliezer centraal. In zijn boek Het uitschot en de geest onderzoekt Van der Heiden waarom de brieven van Paulus zo veelvuldig worden gelezen door hedendaagse filosofen als Žižek en Agamben. Van der Heiden: “Ik wil jullie meenemen in een gedachte-experiment waarin we iets proberen te zeggen over de orde, en wat het betekent om buiten die orde te vallen—een verliezer te zijn.”

De filosoof Augustinus vergelijkt het leven met een steentje in een mozaïekvloer die de werkelijkheid voorstelt, aldus Van der Heiden. Sommige mensen kijken alleen naar hun eigen steentje, of hooguit naar een paar steentjes. Als zo iemand geconfronteerd wordt met pijn en ongeluk, denkt diegene dat er in de natuur een grote en lelijke wanorde heerst. Maar dat komt, zegt Augustinus, door hun onvermogen het geheel te overzien. Ze zien niet de hele mozaïekvloer, waarin alles een passende plaats heeft. De conclusie daaruit is dat jouw lijden onbelangrijk is omdat het past binnen de ‘orde’ die God gecreëerd heeft.

Tegen deze achtergrond wenden hedendaagse filosofen zich tot Paulus. Paulus lijkt haaks te staan op de metafysische God van de orde, die Augustinus in zijn vergelijking schetst. Van der Heiden: “Paulus gebruikt de uitdrukking ‘orde van de wereld’ niet in affirmatieve zin, zoals Augustinus, maar juist om zich ertegen af te zetten. De God van Paulus heeft wél aandacht voor het lijden van degenen die tot niets gereduceerd zijn.”

In de huidige samenleving kunnen we voldoende voorbeelden aanwijzen. Denk aan de vluchtelingen wier bootjes teruggeduwd worden, de bouwvakkers in Qatar, of—dichter bij huis—de slachtoffers van de toeslagenaffaire. Van der Heiden: “Door een God te introduceren die voor deze verliezers kiest, zet Paulus de orde van de wereld op zijn kop. Hij maakt de mensen die niets zijn tot iets. Immers, een orde die mensen tot niets reduceert tekent juist de crisis van deze orde.”

Kritiek en beloning

Na de lezingen wees Liesbeth Jansen de sprekers op Nietzsches kritiek op Paulus. Volgens Nietzsche zijn we door Paulus in een cultuur geraakt waarin het slecht is om te winnen. Er heerst een slavenmoraal waarbij succes een vies woord is. Wat vinden de sprekers van deze kritiek? Van der Heiden: “Paulus is erin geslaagd om van het kruis iets roemvols te maken. Hij kreeg voor elkaar wat Nietzsche—althans destijds—niet lukte: een culturele herwaardering van alle waarden.” Verheij vulde aan: “Nietzsche is bang voor een vernietigende obsessie met de verliezer. In het christendom vinden we inderdaad voorbeelden van compassie voor alles wat ziek en zwak is. Maar het doel van de bijbelverhalen is niet om naar beneden te kijken en zeggen: blijf daar maar liggen. Nee, de gewonde moet worden opgelicht. Daarmee zijn de wonden weliswaar niet geheeld, maar het verschil tussen winnaar en verliezer wordt ongedaan gemaakt.”

Wat is de beloning voor het oog hebben voor de Abels in deze wereld? Verheij: “Een nieuwe wereld. Iedereen komt tot zijn of haar recht. Daar moeten veel Kaïns wat voor inleveren, maar dat zal een prijs zijn die je met plezier betaalt voor het feit dat er meer glimlachen zijn.” Van der Heiden: “Dat er bestaansruimte is voor iedereen, om datgene te doen wat hij of zij kan en wil doen.”

Tekst: Thijs Meeuwisse. Dit is het verslag van een lezing van Radboud Reflects. Foto: Louis Hansel via Unsplash

Contactinformatie

Thema
Samenleving, Religie, Filosofie