Wat de coronacrisis in ieder geval duidelijk maakt is dat ondernemingen, overheid en samenleving onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Jarenlang was die verhouding gespannen. Daarin lijkt nu verandering te komen. Veel ondernemingen hebben de overheid nu en straks nodig om te overleven. De samenleving profiteert van de innovatieve spankracht van ondernemers die bijvoorbeeld zorgen voor de snelle ontwikkeling en productie van vaccins en digitale oplossingen voor thuiswerken. Soms laaien boosheid en onbegrip weer op als het gaat over de beloningen van topfunctionarissen of dividenduitkeringen.
Ook in het bedrijfsleven dringt het besef door dat er een taak ligt om bij te dragen aan een betere wereld. Frankrijk is een van de koplopers van deze beweging. Voedingsconcern Danone werd vorig jaar een enterprise à mission door het aannemen van nieuwe statuten waarin duurzaamheid, gezondheid en diversiteit voorop staan. Winstmaximalisatie was niet langer het leidend beginsel. Topman Emmanuel Faber prees zijn aandeelhouders met het omverhalen van het standbeeld van Nobelprijswinnaar Milton Friedman, die stelde dat winstmaximalisatie de enige maatschappelijke verantwoordelijkheid van ondernemingen is.
Het was van korte duur. Twee weken geleden moest Faber onder druk van twee activistische aandeelhouders het veld ruimen. De nieuwe missie werd niet genoemd, maar wel de matige resultaten en de ontoereikende maatregelen van Faber, die als ceo én voorzitter van het bestuur te veel macht in handen had. Het kan verkeren.
Brede welvaart
VNO-NCW en MKB-Nederland presenteerden op 10 februari 'Agenda NL 2030' met als motto 'Ondernemen voor brede welvaart'. Voortaan willen zij zich richten op het bereiken van een samenleving met gelijke kansen in werk, welvaart en gezondheid, zonder discriminatie, met een duurzame leefomgeving en voldoende economische groei om die brede welvaart mogelijk te maken. Je zou bijna vergeten dat de werkgeversorganisaties voorheen wel eens uit een ander vaatje tapten. Nu pleiten zij ervoor dit 'nieuwe Rijnlandse samenspel' op te nemen in de Corporate Governance Code. Dat zal vermoedelijk gebeuren.
Ook in het ondernemingsrecht is de discussie gaande. De oproep om een maatschappelijke zorgplicht op te nemen in de taakopdracht van bestuurders en commissarissen heeft tot een stevig debat geleid. Kort voor de verkiezingen nam de Tweede Kamer een breed gedragen motie aan waarin wordt gevraagd de mogelijkheden daartoe te onderzoeken. Gelet op de verkiezingsprogramma's zal dit onderwerp zeker een plaats krijgen in het volgende regeerakkoord.
Daarbij zal de aandacht ook uitgaan naar een nieuwe rechtsvorm, de besloten vennootschap met een maatschappelijk doel. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft onlangs een aanzet voor een wetsvoorstel gelanceerd met als doel erkenning en daarmee betere herkenning van maatschappelijke ondernemingen. Zo'n sociale onderneming mag zich dan 'bvm' noemen.
Ruim 10 jaar geleden sneuvelde al eens het plan om zo'n enterprise à mission in te voeren. Toen werd gedacht aan een variant van de vereniging of stichting, maar dat gaf problemen met de mogelijkheid van winstuitkeringen. Nu wordt het dus een bijzondere bv.
Terugvloeien
De bvm streeft een in de statuten omschreven doel van maatschappelijk belang na. Niet het maken van winst, maar het realiseren van maatschappelijke impact staat voorop. Winstuitkeringen zijn mogelijk, want dat is een elementair recht van aandeelhouders. Maar het grootste deel van de winst moet terugvloeien naar de onderneming ten behoeve van het maatschappelijk doel. Even is overwogen om een hard percentage voor te schrijven, maar dat zou te weinig flexibel zijn.
Het bestuur van de bvm moet toetsen of de winstuitkering het maatschappelijk doel belemmert. Omzeiling is mogelijk als de bestuurder tevens aandeelhouder is. Volgens het voorstel moet de rechter er dan aan te pas komen. Een andere truc zou zijn de bvm door fusie of splitsing te laten verdwijnen in een verkrijgende partij die geen bvm (meer) is. Belanghebbenden kunnen zich daartegen verzetten en de rechter vragen te bepalen dat het bvm-vermogen uitsluitend aan het maatschappelijk doel wordt besteed.
Maatschappelijk belang
Niet elke onderneming kan bvm worden. Het wetsvoorstel noemt welke werkzaamheden van maatschappelijk belang worden geacht, zoals welzijn, cultuur, onderwijs, wetenschap, natuur en milieu, zorg, ontwikkelingssamenwerking, volkshuisvesting en mensenrechten. Voor de bvm worden dezelfde categorieën gehanteerd als voor de algemeen nut beogende instelling (Anbi), maar een bvm geniet niet de fiscale voordelen van een Anbi.
De bvm moet in het jaarverslag verantwoording afleggen over de gerealiseerde maatschappelijke waarde over het afgelopen boekjaar. Verantwoording bij de rechter kan worden afgedwongen als een collectieve belangorganisatie die actief is op hetzelfde terrein daartoe een verzoek doet bij de Ondernemingskamer. Die kan dan een onderzoek gelasten of voorzieningen opleggen, zoals schorsing van een bestuurder.
Deze aanzet tot een bvm-wet verdient serieuze aandacht van het bedrijfsleven en in de coalitiebesprekingen. Zestien Europese landen gingen ons voor. Er is nu een momentum voor een nieuwe juridische vormgeving van sociaal ondernemen. Om met Milton Friedman te spreken: "Only a crisis – actual or perceived – produces real change."
Tekst: Gerard van Solinge. Deze column verscheen eerder op FD.nl en de website van CPO. Foto: Maxime via Unsplash.