Van oude mythen tot verhaaltjes voor het slapengaan, en van verhalende reclamespotjes tot literaire fictie: verhalen zijn alomtegenwoordig in ons leven. De sociale en emotionele aard van verhalen heeft ertoe geleid dat sommige onderzoekers stellen dat blootstelling aan verhalen ons vermogen om anderen te begrijpen kan verbeteren. Verhalen kunnen bijvoorbeeld werken als een soort simulatie, waarin lezers hun sociaal-cognitieve vaardigheden trainen door zich in te leven in de personages van een verhaal. Daarnaast kunnen verhalen ook nuttige sociale kennis overbrengen. Op die manier is de rol van verhalen groter dan alleen vermaak: ze kunnen onze persoonlijke ontwikkeling en zelfs de samenleving beïnvloeden.
Twijfel
Eerdere empirische studies leken in eerste instantie aan te tonen dat blootstelling aan literaire, fictieve verhalen ons vermogen om anderen te begrijpen inderdaad verbetert. Maar toen andere onderzoekers de studies probeerden te repliceren, mislukte dat. Daardoor ontstond toch weer twijfel over de sociaal-cognitieve voordelen van verhalen. ‘Het onderwerp was een paar jaar terug veel in het nieuws, maar werd daardoor enigszins in de kiem gesmoord’, zegt taalwetenschapper Lynn Eekhof.
Eekhof en collega’s dr. Kobie van Krieken en dr. Roel Willems doken opnieuw in het onderwerp. In plaats van nóg een replicatiestudie kozen zij ervoor om de eerdere onderzoeken te bekijken om verschillende vragen en uitdagingen die onopgelost zijn gebleven te identificeren. Welke soorten verhalen hebben precies een invloed op onze sociaal-cognitieve vermogens? Welke soorten lezers zijn gevoelig voor deze effecten? Welke aspecten van sociale cognitie worden beïnvloed door narratief lezen? ‘Wij vonden dat we even pas op de plaats moesten maken’, legt Eekhof uit. ‘Het idee van ons onderzoek was om te evalueren wat we nou precies allemaal weten over dit onderwerp in plaats van nog meer data te verzamelen. Wat zijn de vragen zijn waar we nog een antwoord op willen weten? Als we dat eenmaal weten, kunnen we veel gerichter onderzoek doen.’
Eekhof en haar collega’s concluderen dat eerder onderzoek te weinig aandacht heeft besteed aan de diversiteit van verhalen, lezers en sociaal-cognitieve processen die betrokken zijn bij het sociaal-cognitieve vermogen van verhalen. Eekhof: ‘Eigenlijk werd er in veel studies van uit gegaan dat één verhaal op iedereen eenzelfde effect zou hebben, maar we weten juist dat er ontzettend veel verschillen zijn in hoe lezers reageren op verhalen. We stellen daarom een nieuwe onderzoeksstrategie voor waarbij we op een meer genuanceerde manier naar de mogelijke relatie tussen lezer, verhaal en sociale cognitie moeten kijken.’
Richtlijnen
Allereerst zouden toekomstige studies zich volgens de onderzoekers moeten richten op het ontrafelen van de tekstkenmerken die narratieve effecten op sociale cognitie aanjagen. De meeste studies hebben zich gericht op algemene categorieën zoals een verzonnen verhaal versus een nieuwsbericht, of een verhaal dat een literaire prijs heeft gewonnen versus een verhaal in de stijl van een boeketromannetje, maar het zou beter zijn als studies zich richten op meer specifieke verhalende tekstkenmerken zoals perspectiefmarkeerders en kenmerken van hoofdpersonen. Daarnaast is het belangrijk om rekening te houden met individuele verschillen tussen lezers, omdat niet van alle lezers kan worden verwacht dat ze op dezelfde manier reageren op een verhaal. Zo zouden verhalen mogelijk een groter effect kunnen hebben op mensen die op sociaal-cognitief gebied nog ruimte voor verbetering hebben, zoals kinderen of mensen met een stoornis op het autismespectrum.
Strategische kennis
Ten slotte hopen de onderzoekers dat er in de toekomst meer onderzoek gedaan wordt naar lezen en sociale cognitie in de bredere zin. ‘Eerder onderzoek heeft zich vooral gericht op de invloed van verhalen op empathie, het vermogen om de gevoelens van een ander te delen, maar wellicht zijn er nog veel meer vaardigheden waar lezen een effect op heeft, zoals ons vermogen om onze eigen emoties beter te begrijpen of flexibel te wisselen tussen de perspectieven van verschillende mensen’, zegt Eekhof. ‘Als we begrijpen hoe en wanneer verhalen een positieve bijdrage leveren aan sociale cognitie, kunnen we die kennis ook strategisch inzetten. De gemengde bevindingen van de studies naar de effecten van verhalen op sociale cognitie zijn volgens ons geen reden geven tot pessimisme. Onze aanbevelingen kunnen richting geven aan de opzet van toekomstige studies die ons helpen begrijpen hoe, voor wie, en in welk opzicht blootstelling aan verhalen werkt.
Het artikel Reading about minds: The social-cognitive potential of narratives verscheen onlangs in Psychonomic Bulletin & Review
Foto: Camille Brodard via Unsplash