Twaalf jaar op de trappers met Aristoteles
Twaalf jaar op de trappers met Aristoteles

Twaalf jaar op de trappers met Aristoteles

Het begon in 2007 als geintje. Een weddenschap in de vriendengroep zorgde ervoor dat alumnus Bram Witvliet op zijn fiets klom. De missie? Door alle plaatsen in Brabant fietsen, met als bewijs een foto van het desbetreffende plaatsnaambordje. Die grap groeide al snel uit tot een levensproject. En zo fietste Bram verspreid over twaalf jaar door heel Nederland. Om uiteindelijk 250 fietstochten later, met 25249,47 kilometer op de teller, alle 3075 plaatsen in Nederland te hebben gezien. De voormalig Radboud-student Klassieke talen schreef hierover het boek ‘Bram fietst’ en vertelt over de opmerkelijke gedachten en plekken die hem troffen.

Vanzelfsprekend vehikel

Twaalf jaar later, een hoop kilometers in de benen en een boek rijker, kijkt Bram terug op zijn allesbepalende levensproject. ‘Ik startte ermee toen ik een jaar of zestien was. Ik fietste al graag en greep deze kans met beide handen aan om mijn wereld te vergroten en onbekende plekken te ontdekken. Al snel ging ik door het leven als ‘Bram fietst’. Om me zo te profileren was bijna een identiteitskwestie. Als puber heeft zoiets toch behoorlijk wat impact. Maar het pastte me goed. Van huis uit was ik al veel bezig met het milieu en actievoeren daarvoor. We hadden ook geen auto. Dus de fiets was een heel vanzelfsprekend vehikel voor mij.’

Praxis en poièsis als tweesnijdend zwaard

En dus trapte hij gestaag door het land. Stoppen is nooit een optie geweest. Zelfs in het desolate en deprimerende Noordoost Groningen fietste Bram stug door. Misschien komt het juist daardoor dat hij zijn gedachten vrijelijk kon laten gaan. Als student Klassieke talen en filosofie fietste Aristoteles in gedachten met hem mee. ‘Aristoteles heeft in zijn ethiek twee begrippen die perfect passen bij mijn tocht: poièsis (maken) en praxis (handelen). Bij poièsis ligt het doel van de handeling buiten de handeling besloten. Bij praxis ligt het doel van de handeling binnen de handeling zelf. Die twee vormen van menselijk handelen passen perfect bij mijn project. Enerzijds verzamelde ik foto’s van plaatsnaambordjes en haalde ik daarmee geld op voor goede doelen – een extern doel (praxis). En anderzijds fietste ik puur en alleen om het fietsen – een intern doel (poièsis). Die twee elementen waren in mijn hele fietstocht aanwezig als mooi tweesnijdend zwaard.’

Betekenisgevende tocht

Niet alleen Aristoteles was aanwezig op deze enorme tocht. Ook de Franse existentialistische filosoof Albert Camus dook regelmatig op in Brams hoofd. Bram: ‘In het kort zegt hij er geen zin of betekenis in de werkelijkheid zit, je moet er zelf iets van maken. En dat voel ik ook wel in mijn fietsproject. In een tijd waarin maatschappelijk veel onzeker is, heb ik dankzij deze tocht betekenis gegeven aan mijn leven op dat moment. En die gedachte komt nog regelmatig terug. Onlangs nog, toen ik tijdens een zomaartochtje over de Waalbrug fietste. Het feit dat ik daar fietste gaf op zichzelf betekenis en kleur aan dat moment.’

Windmolens geven landschapspijn

Naast filosofische beslommeringen confronteerde het polderlandschap Bram soms ook met de inrichting ervan: windmolens overal. Het gaf hem ook meer begrip voor de mensen die er niet op zitten te wachten in hun achtertuin. ‘Hoe richt je je landschap in? Dat is een ongemakkelijk en interessant spanningsveld om over na te denken.’ Bram haalt voormalig Rijksbouwmeester Floris Alkemade aan, die het boek De toekomst van Nederland schreef. ‘Hij zegt dat Nederland hoe dan ook moet veranderen. En dat dit echt oogverblindende landschappen kan opleveren. Extensieve landschappen waarin rivieren de ruimte krijgen en waar ook plaats is voor windturbines. We moeten de landschapspijn erkennen zonder een dystopisch beeld te schetsen. Zaken goed integreren en er dan samen van houden. Een interessant thema en zeker iets waarvan ik me nu meer bewust ben,’ aldus Bram.

Fietstochtjes rondom Nijmegen

Tot slot: heeft Bram nog tips voor mooie fietstochten vanuit Nijmegen? Daarover hoeft hij niet lang na te denken. Enthousiast vertelt hij: ‘De Ooijpolder is heel belangrijk voor me geworden, met mooie dijkjes en de rivier. Dus dat is met stip aanrader nummer 1. Echte kuitenbijters zijn de heuvels bij Berg en Dal, met de Oude Holleweg en mooi uitzicht over Persingen en – jawel – de Ooijpolder. Andere aanrader is het gebied de Hatertste en Overasseltse Vennen. Zeker als de heide in bloei staat. Ik zou het zo jammer vinden als studenten die niet kennen en ze nooit bezoeken tijdens hun tijd in Nijmegen. Nu weten ze in ieder geval ervan!’’

Tekst: Pleuni van Keulen voor Radboud Recharge. Foto via Pxhere

Contactinformatie

Thema
Filosofie